JEUGDSENTIMENTEN
Herinneringen en geschiedenissen van
vroeger
Verhalen van Omnivoor
King Corn Donuts

Behalve King Corn witbrood vond ik ook de Donuts van King Corn erg lekker. Helaas kocht mijn moeder (eind jaren 60) maar zelden deze onbetwist beste donuts, maar ze staan in mijn smaak-geheugen gegrift. Het deeg was goed en de suikerlaag zeer typerend. Het is zeer moeilijk voor mij om de exclusiviteit en smaak van deze donuts te beschrijven. Ze werden verkocht in de broodhoek van onze lokale Spar.Pas jaren later (1995) op vakantie in Fuerteventura (een Canarisch eiland) vond ik een bakkertje dat ongeveer dezelfde donuts verkocht. De beste donut-winkels hebben sindsdien die van King Corn niet kunnen evenaren.


 


Verkade Vanille Toffees

De beste toffees (toffies) ter wereld waren wat mij betreft Verkade Vanille Toffees.
Verkade maakte zeer goede vanille toffees en ook hun chocolade toffees verdienden een pluim.De vanille toffees waren zeer lekker en een beetje hard.De smaak uitmuntend. Je kon ze los kopen bij een King Corn Bakker tegenover mijn oude middelbare school. Hij had een groot blik op een plankje staan.
Dit was eind jaren 60, begin jaren 70. Daarna ging het mis. De toffees werden van de ene op de andere dag zacht en daarmee niet meer te eten. Had Verkade vele boze klanten moeten aanhoren vanwege vullingen, die eruit kwamen? Ik weet het natuurlijk niet, maar verlang nog terug naar die fantastische toffees. Er was slechts een toffee die die van Verkade naderde en dat was de Penny Toffee van John Mackintosh. Zelfs die is vandaag de dag niet zo goed meer sedert Nestle de produktie overnam.

Caddy

Caddy was een reep krokante inhoud met wat toffee omgeven door melkchocola. Het formaat kon vergeleken worden met een Nuts- of Marsreep. Ik herinner me nog goed de ouder ogende actrice van de reklame: "Caddy, hapt zo heerlijk weg!". Caddy was lekker, maar het was erg moeilijk om aan een Caddy te komen. Wij vonden de Caddy naast de Toffee Crisp in de delicatessen winkel. Was best wel prijzig. Dit was begin jaren zeventig. Caddy bestaat nu niet meer, maar verdient een vermelding als een gedenkwaardige reep. Ik vond het lekker, maar om nu te zeggen dat het "heerlijk weghapte"? Wellicht dat de slogan Caddy de das om heeft gedraaid.


 

 


Quality Street

Quality Street van Mackintosh was een selektie bonbons/toffees uit Engeland. Prijzig en dus hadden we het slechts af en toe. Mijn vader nam wel eens wat mee als hij weer eens terugkwam van werkbezoek in Engeland. Ik herinner me de statige dame en heer van de reklame op de TV in een soort open rijtuig (volgens mij waren ze Quality Street aan het nuttigen) met een koetsier, die (eenmaal aangekomen op de plaats van bestemming ergens in Londen of zo) riep "Quality Street!". Toffees hadden mijn voorkeur, met name de Penny Toffees, een soort munt toffees in een gouden 'wrapper'. Alles met fruit had mijn afkeer. V&D verkocht eind jaren 70 de Penny Toffees los en ook nog eens goedkoop. In de zomer van 1978 at ik er letterlijk bergen van.
Vandaag de dag bestaat Quality Street nog, maar nu gemaakt door Nestle en wellicht 10% van de Quality van vroeger wat smaak betreft.


 

 

De 21-20-4 truc

De 21-20-4 truc heb ik van een overbuurjongen geleerd zo midden jaren 70. De truc werkt nu niet meer, maar destijds was het een fenomeen, waar ik nog nooit van gehoord had en ik weet nog steeds niet hoe hij eraan kwam. Er is nu niets op het internet van te vinden, maar ik verzeker jullie: het werkte!
De truc was om op de PTT telefoon 21204 te draaien, gevolgd door je eigen telefoonnummer inclusief kengetal. Als je de hoorn op de haak legde, werd je vervolgens door de centrale teruggebeld. Op het moment dat je opnam kreeg je "in gesprek" dan wel "opgehangen" tonen.
Ik paste deze truc vaak toe boven in de slaapkamer van mijn ouders om mijn zus te plagen. Zij was een tiener (paar jaar ouder dan ik) en werd constant gebeld door vriendinnen (en vrienden!). Ik draaide het nummer hing op en kroop dan snel onder het bed van mijn ouders. Mijn zus kwam aanstuiven, nam op en…helaas beller hangt net op. Ze ging dan weg en meteen draaide ik het nummer weer. Hop, zij terug, etc. Ik deed dit drie of vier keer. Op een gegeven moment wachtte ze wel 5 minuten, zittend op het bed. Ik moest me inhouden daar onder het bed. Hup zij weg, ik meteen weer draaien. Ik lachte me slap.
Destijds was er trouwens ook een soort digitale truc toe te passen op de analoge PTT telefoon: als je namelijk de ophangknop bovenop het toestel zeer snel aantikte, dan registreerde het apparaat een 1.
Dit kwam van toepassing om met Hilversum 3 radiospelletjes mee te spelen, omdat er veel enen in het telefoonnummer zaten: iets van bijvoorbeeld 035-71111. Ik draaide dan 0357 en tapte dan snel met mijn vingers 4 maal op de knop en hoefde daardoor niet vier keer een 1 te draaien.

 

 



Het Scharenblok

Op de lagere school (eind Lente 1973, zesde klas), in het handenarbeidlokaal, stonden een paar blokken met scharen erin. Sommige blokken hadden kleinere schaartjes met stompe punten en voor het oudere kind hadden we blokken met de grotere "gewone" scharen, uiteraard met scherpe punten. Mijn sentiment is dat we de scharen van de grotere blokken als dolken gebruikten toen we, nadat de Afscheidsmusical al had plaatsgevonden, een keer, tegen het einde van het schooljaar, het handenarbeidlokaal moesten opruimen. We wierpen de scharen een voor een tegen de grote gekleurde dekor-schotten. Het merendeel ketste af, maar een enkele schaar boorde zich in zo'n schot. Een paar scharen raakten zelfbouwprojekten van medepupillen, projekten die achter de schotten stonden, met alle gevolgen van dien (ze raakten zwaar beschadigd). Terloops speelde ik met de grote Black & Decker boormachine van de meester, liet deze, op volle toeren draaiende, met een scherpe boor erin, per ongeluk uit mijn handen vallen, hop op de stroomdraad, die terstond werd stukgedraaid door de nog draaiende boor. We gingen toen maar terug naar het lokaal en mijn schoolvriend zei "zeg het nou maar tegen de meester!" Ik zeg "van die boor?" "Nee, nee, dat we het handenarbeidlokaal hebben opgeruimd" zei hij snel. De meester had het niet eens door. De week daarop zagen we zowel de pupillen, wier werk zwaar was beschadigd, als de meester (met de beschadigde, gloednieuwe boormachine in zijn hand) letterlijk huilen. Ik zou toch zweren dat hij de link snel zou leggen met onze opruimopdracht van de week ervoor, maar dat deed hij niet. Het was wel mijn laatste dag op school vlak voor de warme Zomer van 1973. Ik durfde mijn gezicht niet meer te laten zien en gek genoeg kraaide er geen haan naar.

 

Treets

Treets (spreek uit "triets"), een afgeleide van het Engelse "treats", dat iets als "snoepjes" of "traktaties" betekent, waren pinda's omgeven door lekkere chocolade met een chocolade glazuurlaagje daar weer omheen. De slogan luidde: "de melkchocolade van Treets smelt in Uw mond, niet in Uw hand". De variant zonder pinda heette Choco Treets.Ik vond Treets zeer lekker.Ik at me er soms letterlijk ziek aan (pinda's bevorderen de ontlasting begrijpen jullie wel). Met de komst van Bonitos en M&M, waarbij gekleurde versies hun intrede deden, hield het wat mij betreft op. Dit was volgens mij rond het begin van de jaren 80

 

 

 

 

 


De Toffee Crisp


De Toffee Crisp was een zeer moeilijk te verkrijgen reep met een Rice Krispies achtige vulling, met daarbovenop een laag caramel (toffee), het geheel omgeven door melkchocolade. Andermaal te vergelijken met een Mars- of Nutsreep. Het werd gemaakt door Mackintosh (die ook Quality Street maakte) te Engeland. Wij vonden, eind zestiger/begin zeventiger jaren, deze reep uitsluitend in EEN delicatessenwinkel te koop, tesamen met de Caddy en Lotto-vormige toffees in een tube, geheten Toffo, ook van Mackintosh. Nu worden beiden gemaakt door Nestle, maar ze zijn lang zo lekker niet als die van ruim 40 jaar geleden.


 

De Milky Way Wonderpen

Eind 1973/begin 1974 (ik zat in de brugklas) kwam er iemand op school met een Milky Way Wonderpen. Had hij gewonnen.Niet echt spectaculair, want nu begrijp ik dat 10000 kinderen hem hadden gewonnen. Ik herinner me nog wel dat je onzichtbaar schreef en dan met krassen de inkt tot leven bracht (door de andere punt van de pen te gebruiken), een beetje als de potlood krasplaatjes van weleer.
De onzichtbare inkt truc is geloof ik makkelijk na te apen met citroensap, daarna het papier opwarmen.


Kix

Kix was een Bambix cum Brinta -achtige papmix. Ik zag het eind zeventiger jaren bij onze lokale Spar staan. Het duurde even, maar uiteindelijk waagde ik me eraan en het resultaat was verbluffend. Ik vond het erg lekker. Het verschil met Brinta was, dat Kix niet aanstijfde met de melk, dus je kon behoorlijk wat lepels toevoegen aan de melk. Onbekend maakt onbemind. Ik vroeg er naar later in 1980 en de Sparmeneer vertelde me dat het niet meer bestond. (ps: verwar Kix niet met de crispy corn puffs bolletjes cereal van vandaag de dag in het buitenland)


De IJsmaker

Begin jaren Zeventig kreeg ik van mijn opa en oma een (?antieke) ijsmaker. In het Engels heet het mechaniek een crank-mixer. De ijsmaker (een emmer met de crank-mixer er bovenop) was eigenlijk aan mijn moeder gegeven, want mijn grootouders verhuisden van Amsterdam naar een verzorgingstehuis in Coevorden en de maker kon niet mee. Ik speelde echter zeer vaak met de emmer, dit vanwege het mechaniek, dat een soort miniwasmachine werd. Ik vulde de emmer met water en draaide aan de hendel, waardoor het een waterkolk werd. Ik gooide van alles in het water, maar papier had mijn voorkeur.
Het principe van de emmer is dat je de ijsmix in het vaatje in het midden doet. Er omheen is ruimte voor ijsblokjes, met het mechaniek begint het geheel in de ijsblokjes te draaien en wordt de mix in het vaatje geleidelijk aan roomijs. Het geheel was al een beetje verroest. De eigenlijke emmer was van hout en had stalen banden om de houten onderdelen tegen elkaar aan te drukken, als ware het een regenton. Dit kon allemaal niet eeuwig doorgaan en op een dag was ik weer flink aan het draaien en brak een van de zwakkere banden door en viel de emmer als een ton letterlijk in duigen. Ik heb een plaatje van een ijsmaker gevonden en beleef in gedachten weer mijn draai-capriolen.


De Drie Klokjes

Geen idee waar dit nu voor diende, maar wij hadden er een op de vensterbank staan.Af en toe pakte ik het trommelstokje en mepte ik tegen de klokjes, die er dus wel vanaf konden vallen. De kleine klokjes klonken schel.

 

 

Deel 2
Deel 3
Deel 4
Deel 5
Deel 6
Deel 7